Home » Finance en Control » Hoe eet je een olifant?

Hoe eet je een olifant?

IFRS 4 fase 2 vraagt meer van verzekeraars dan Solvency II. Verzekeraars die gevorderd zijn in de voorbereiding op IFRS4 fase 2 schatten dat de kosten van implementatie van IFRS uiteenlopen van ongeveer dezelfde kosten als bij de implementatie van Solvency II tot kosten die drie keer zo hoog zijn.

In de verzekeringssector wordt al jaren in toenemende mate marktwaardering toegepast, denk aan de Toereikendheidstoets, market consistent embedded value en natuurlijk Solvency II. De opkomende wijziging naar ‘marktwaarde’ voor de verzekeringsverplichtingen onder IFRS (IFRS 4 fase 2) lijkt wellicht op het eerste gezicht gewoon een volgende marktwaarde rapportage, maar zorgt voor complexe veranderingen. In dit artikel gaan we in op de praktische implicaties van IFRS 4 fase 2. Daarnaast noemen we een aantal lessen zoals geleerd bij de Solvency II voorbereiding: hoe pak je iets groots zoals IFRS 4 fase 2 aan? Hoe eet je een olifant?

De focus op de verlies & winstrekening

Een belangrijk verschil met Solvency II is de verlies- en winstrekening (V&W) focus van IFRS. Solvency II en de andere marktwaardegerichte rapportages hebben een balansfocus. Deze V&W focus in marktwaarde is veelal nieuw voor de verzekeraar. Voordat we de implicaties van de nieuwe IFRS 4 fase 2 beschrijven, eerst een korte toelichting op de stromen in de V&W. Deze gelden voor levensverzekeraars en voor schadeverzekeraars voor zover zij geen gebruik maken van de versimpelde premie allocatiemethode voor contracten met een korte looptijd.

De V&W wordt in de illustratie en de paragrafen hieronder nader toegelicht.
• Gedurende de looptijd van een verzekeringscontract vallen de Contractual Service Margin (CSM) en de Risk Adjustment vrij in de V&W. Met name de vrijval van de CSM zorgt ervoor dat IFRS 4 fase 2 afwijkt van andere ‘marktwaarde’ rapportages.
• De ‘interestlast’ voor het oprenten van de voorziening, incl. CSM, komt in de V&W tot uitdrukking. Deze benodigde interest wordt berekend op basis van de ‘locked in’ curve: de curve op moment van aangaan van het verzekeringscontract.
• Verzekeraars kunnen kiezen of de wijziging van de voorziening als gevolg van wijzigingen in de discount curve (wijziging naar de ‘current’ discount curve) opgenomen wordt in de V&W of in Other Comprehensive Income (‘OCI’) als onderdeel van het vermogen. Deze wijziging in discount curve wordt voor traditionele verzekeringscontracten niet voor de CSM toegepast. De keuze van de verzekeraar ten aanzien van de V&W of OCI zal veelal ingegeven zijn door de wijze waarop waardewijzigingen van beleggingen worden gepresenteerd (in V&W of OCI).
• Tot slot ontstaan gedurende de looptijd van het contract verschillen tussen de daadwerkelijke uitloop en de bij aanvang verwachte uitloop. Deze verschillen lopen via de V&W waar het verschillen in kasstromen over de rapportageperiode betreft (‘gerealiseerde verschillen’) en via de CSM waar de verschillen impact hebben op de waardering van toekomstige kasstromen (‘verwachte verschillen’).

Werking van de V&W onder IFRS 4 fase 2

De bovengenoemde zaken veroorzaken voor een groot deel van de praktische gevolgen voor verzekeraars:

Volatiliteit in resultaten en complexe analyse: voor de huidige IFRS rapportages wordt de Liability Adequacy Test (LAT) uitgevoerd waarvoor al een ‘marktwaarde’ wordt berekend. Deze test heeft echter alleen een effect op de waardering indien uit de test blijkt dat de geboekte voorziening te laag is. Onder IFRS 4 fase 2 volgt de geboekte voorziening per definitie de actuele waarde, met de nodige volatiliteit in resultaten tot gevolg. Daarnaast moeten de elementen van de winst (CSM, wijziging van de CSM door aanpassingen aan aannames, Risk Adjustment, benodigde interest, premies en uitloop etc.) getoond en toegelicht worden. Een heldere en betrouwbare analyse van varianties is daarmee van groot belang.

Data: Het moge duidelijk zijn dat om alle benodigde berekeningen te kunnen maken veel data vereist zijn. Dit betreft de ‘locked-in’ interest curve voor het bepalen van de benodigde interest, maar ook de verwachte kasstromen en kenmerken om op het juiste niveau kosten en kasstromen toe te rekenen en mutaties en vrijvallen uit de CSM te kunnen berekenen. Deze data zullen vastgehouden dienen te worden. Aangezien de vereisten van Solvency II anders zijn dan die van IFRS 4 fase 2 zullen er veelal meer data geregistreerd moeten worden, ook vanwege de verschillen tussen aannames en kasstromen onder IFRS 4 fase 2 en Solvency II.

Modellen en systemen: In de modellen en systemen moet rekening gehouden worden met de elementen van IFRS 4 fase 2, inclusief een CSM, die via het grootboek in de IFRS jaarrekening tot uitdrukking komen. De verwachting is dat er veel nieuwe interfaces noodzakelijk zijn. Behalve in de jaarrekening is ook in de management informatie inzicht wenselijk in de ontwikkeling van de resultaten. Vergeet daarnaast niet dat de fiscale waardering vooralsnog niet verandert, dus modellen of systemen die voor fiscale resultaten gebruikt worden, mogen niet vergeten worden: indien resultaten bijvoorbeeld door een nieuw (projectie-) systeem vervaardigd worden, moeten fiscale berekeningen in dat systeem ook mogelijk zijn.

Impact op de business

Naast de hierboven genoemde, meer voor de hand liggende directe implicaties, is er nog een aantal gebieden waar IFRS 4 fase 2 de verzekeraar zal beïnvloeden.

Timing van de rapportages: Verzekeraars rapporteren hun jaarcijfers veelal tussen de 5 en 12 weken na jaareinde: in februari of maart. Voor Solvency II is nu nog 20 weken toegestaan (solo) – deze periode gaat naar 14 weken in een aantal jaar. Indien voor IFRS 4 fase 2 gebruik gemaakt wordt van (delen van) de Solvency II rapportagestraat dan is de vraag hoe de rapportagestraat versneld kan worden om tijdig de IFRS-resultaten en onderliggende details op te leveren. Een andere mogelijkheid is om een nieuwe, parallelle, rapportagestraat op te zetten voor IFRS.

Productontwikkeling en pricing: Hoewel de kasstromen niet wijzigen, zal de timing van winsten en verliezen veranderen door IFRS 4 fase 2. Met name voor pricing en productontwikkeling is dit van belang. De winsten worden niet ineens genomen, maar lopen via de CSM en worden over de looptijd van het contract uitgesmeerd. Verliezen moeten direct genomen en toegelicht worden. Verliesgevende producten worden hierdoor veel zichtbaarder en leiden daarnaast tot
volatiliteit in de W&V.

ALM en hedging: Het financieel risicomanagement wijzigt als gevolg van de gewijzigde winstprofielen van producten en de toegenomen volatiliteit in de W&V. Afwegingen zijn nodig om te bepalen of de IFRS realiteit of de Solvency II realiteit hierbij leidend is. Daarnaast zullen ook de modellen die voor ALM en hedging worden gebruikt aangepast moeten worden.

Mensen en processen: de complexiteit van de IFRS 4 fase 2 vereist nauwe samenwerking van Finance, Actuariaat en Risk. Training is nodig voor meerdere afdelingen (pricing, reporting, investor relations) en voor meerdere managementlagen: zowel de opstellers als de gebruikers van de volatielere IFRS cijfers dienen getraind te worden. Dit is dezelfde boodschap die ook bij Solvency II werd gebracht – in de praktijk is nu duidelijk dat die training nodig is om de cijfers goed te begrijpen.

Voor externe betrokkenen zoals aandeelhouders, analisten en andere stakeholders is het begrijpelijk maken van de resultaten een aandachtspunt dat om uitgebreide communicatie vraagt.

IFRSOok het beloningssysteem verandert mogelijk: de resultatenrekening omvat bijvoorbeeld niet langer premies die betrekking hebben op de spaarcomponent van verzekeringscontracten bij levensverzekeraars, en het winstbegrip voor verzekeringsportefeuilles verandert (voor alle verzekeraars). Hoe beïnvloedt dit de prestatiemaatstaven zoals die nu zijn vastgelegd?

 

Leerpunten uit Solvency II

De beschreven items zijn de belangrijkste praktische veranderingen die de nieuwe IFRS4 met zich meebrengt. We hebben in de financiële sector echter al vele malen eerder grote veranderingen meegemaakt. Enkele leerpunten uit Solvency II die in dit licht relevant zijn:

  • Begin vroeg, maar niet te vroeg. Begin pas met dingen doen nadat voldoende nagedacht is over de grote lijnen en weet wanneer je waarmee je moet beginnen. Maak een plan voor het geheel en begin met de items die al vaststaan. Items die nu al vaststaan zijn bijvoorbeeld de CSM en de V&W focus en ook gevolgen voor rapportage tijdslijnen.
  • Laat het geen feestje worden van de quants of actuarissen: deze verandering raakt de hele onderneming. Bij Solvency II werd de eerste jaren voornamelijk gewerkt aan de complexe actuariële modellen en werd minder aandacht gegeven aan governance en rapportages.
  • Een goede samenwerking tussen de verschillende disciplines is nodig: het is een verantwoordelijkheid voor zowel finance als actuariële experts, en IT (voor data, systemen en modellen). Vergeet ook de business niet: productontwikkeling en ALM zijn in dit artikel al genoemd.
  • Maak er niet uitsluitend een project van, maar regel de overdracht naar ‘business as usual’ vroeg in.

De IASB is nog bezig met enkele elementen van de nieuwe standaard (winstdelende contracten) en daarnaast verdere verduidelijking te geven op onderwerpen zoals het beoogde detailniveau (unit of account). De impact van de onderdelen van de beoogde standaard die echter al wel vast staan zijn dusdanig dat het van belang is om bij huidige projecten (op het gebied van conversies, datawarehouses en procesverbeteringen) in de (Solvency II ) rapportagestraat rekening te houden met de vereisten van IFRS 4 fase 2. Wat je brengt tot het einddoel – invoeren van IFRS 4 fase 2 met al zijn praktische implicaties – is overzicht, een plan en het stapje voor stapje uitvoeren van het plan. Hoe eet je een olifant? Hapje voor hapje.

Dit artikel is ook als PDF te downloaden.

Dit artikel is tevens gepubliceerd in de actuaris mei 2015

Over de auteurs:

Drs. A. van Berge Henegouwen RA is als director werkzaam bij PwC Capital Markets and Accounting Advisory Services en richt zich op IFRS voor verzekeraars.

Drs. F.R. den Bieman AAG is als Senior Manager werkzaam bij PwC Pensions Actuarial and Insurance Services, en is gespecialiseerd in risk & capital management en financiële rapportages van verzekeraars.

Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel.

Meer weten?

PWC is aanwezig op het Risk Forum voor Verzekeraars 2015 en zal o.a. praten over de gevolgen van Solvency II.

Over Risk Forum voor Verzekeraars

Risk Forum voor Verzekeraars
Op 24 september vindt de volgende editie van het Risk Forum voor Verzekeraars plaats. Dé ontmoetingsplek voor bestuurders en beslissers binnen de verzekeringsbranche.

Bekijk ook

TPPs en banken denken en praten graag mee over PSD2-standaard

Voor een soepel draaiende Europese economie, is veilig, gestandaardiseerd betalingsverkeer van essentieel belang. Er gaat …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *